Tegels berekenen: hoeveel tegels, lijm en voegmiddel?
Vul de maten van de vloer of wand en het tegelformaat in. Je ziet direct hoeveel tegels en dozen je bestelt, hoeveel tegellijm en voegmiddel je nodig hebt en hoe het legpatroon eruitziet.
Bijvoorbeeld een douchebak of vaste kast
Staat op de doos of in de webshop
Bepaalt de voegdiepte
Automatisch op basis van het tegelformaat
Hoe bereken je hoeveel tegels je nodig hebt?
Begin met de oppervlakte: lengte maal breedte, min de delen die je niet betegelt. Tel daar het snijverlies bij op, want aan de randen en rond leidingen zaag je tegels op maat. Deel dat door de oppervlakte van één tegel inclusief voeg en rond naar boven af.
te bestellen = m² × (1 + snijverlies)
tegels = te bestellen ÷ (tegel + voeg)
dozen = tegels ÷ tegels per doos (naar boven afronden)
Voorbeeld: een vloer van 4 bij 3 meter is 12 m². Met 5% snijverlies bestel je 12,6 m². Met tegels van 60 × 60 cm en een voeg van 3 mm zijn dat 35 tegels, oftewel 9 dozen van 1,44 m².
Hoeveel snijverlies reken je per legpatroon?
Hoe meer je zaagt, hoe meer verlies. Recht leggen kost het minst, diagonaal en visgraat het meest. Bij een kleine of grillige ruimte, of bij grote tegels, mag je er gerust een paar procent bij doen.
| Legpatroon | Snijverlies |
|---|---|
| Recht (stapelverband) | 5 tot 7% |
| Halfsteens of 1/3 verband | 8 tot 10% |
| Diagonaal | 12 tot 15% |
| Visgraat | 15 tot 20% |
Bewaar na het leggen één of twee tegels van dezelfde partij. Kleur en kaliber verschillen per productierun, dus later bijkopen geeft vaak een zichtbaar verschil.
Hoeveel tegellijm per m²?
Het lijmverbruik hangt af van de tandspaan, en die kies je op het tegelformaat. Kleine wandtegels lijm je met een fijne spaan, grote vloertegels met een grove spaan en vaak met extra lijm op de achterkant van de tegel (buttering).
| Langste zijde tegel | Tandspaan | Verbruik |
|---|---|---|
| tot 20 cm | 6 mm | ± 2,5 kg/m² |
| 20 tot 40 cm | 8 mm | ± 3,5 kg/m² |
| 40 tot 60 cm | 10 mm | ± 4,5 kg/m² |
| groter dan 60 cm | 12 mm + buttering | ± 5,5 kg/m² |
Hoeveel voegmiddel heb je nodig?
Voor voegmiddel gebruiken fabrikanten een vaste formule. Smalle voegen en grote tegels kosten weinig voegmiddel, kleine mozaïektegels met brede voegen juist veel.
A en B = tegelmaten in mm, voegdiepte ≈ tegeldikte
Bij tegels van 30 × 30 cm, een voeg van 3 mm en een dikte van 8 mm is dat ongeveer 0,26 kg per m². Controleer altijd het technisch blad van het product dat je gebruikt.
Veelgestelde vragen over tegels berekenen
Hoeveel tegels heb ik nodig per m²?
Deel 1 m² door de oppervlakte van één tegel inclusief voeg. Voor tegels van 60 × 60 cm met een voeg van 3 mm is dat ongeveer 2,8 tegels per m², voor 30 × 60 cm ongeveer 5,5 tegels per m².
Hoeveel procent tegels moet ik extra bestellen?
Reken bij recht leggen 5 tot 7% extra, bij halfsteens rond 10% en bij diagonaal of visgraat 15% of meer. Bij een kleine ruimte met veel hoeken neem je liever iets meer.
Hoe bereken ik tegels voor een badkamerwand?
Kies hierboven Wand, vul de breedte van de wand en de tegelhoogte in en trek ramen en deuren af bij Aftrek. Doe dit per wand en tel de uitkomsten op, of vul de totale wandlengte in als alle wanden even hoog betegeld worden.
Hoeveel tegellijm heb ik nodig voor 10 m²?
Bij tegels van 60 × 60 cm reken je ongeveer 4,5 kg per m², dus 45 kg: twee zakken van 25 kg. Bij kleine wandtegels is het ongeveer 2,5 kg per m², dus één zak.
Meer tools voor vloeren en afbouw
Van berekening naar offerte in één keer
In FLOWN leg je per project de ruimtes en materialen vast. De m², het snijverlies en de materiaalkosten gaan direct mee naar je offerte, werkbon en factuur.
